4 slimme manieren om zuiniger te fietsen

Valt het je tegen hoe moe je vaak terugkomt van een rondje fietsen? Dan kun je natuurlijk besluiten om het de volgende keren wat langzamer aan te doen. Maar misschien hoeft dat niet, als je op slimme wijze wat zuiniger omspringt met je energie.  

Natuurlijk is er niks mis met een stevig potje afzien. Sterker nog, het is af en toe heerlijk om flink met je krachten te smijten, jagend op een kommetje, of jezelf vastbijtend in iemands wiel. 

Toch zul je af en toe ook wel eens wat zuiniger aan willen doen, omdat de tank anders snel leeg is. Het is dan slim om net wat economischer te rijden dan je doorgaans doet. Bijvoorbeeld door de volgende energievreters te vermijden.

Pas je snelheid aan als de weerstand toeneemt

Loopt de weg omhoog, dan kun je als wielrenner heel gemakkelijk de neiging hebben om gas bij te geven. Gewoon omdat het voelt alsof je anders een beetje stilvalt. En misschien kom je zelfs wel in de verleiding om even flink op de pedalen te gaan staan.

Het advies is natuurlijk om die gevoelens te onderdrukken. 

Wil je zuinig rijden, dan doe je er goed aan om je inspanning overal gelijk te houden. Of je nu klimt of daalt. Dat betekent dus ook dat je minder hard omhoog fietst op een heuvel of een vals plat. Op die manier fiets je veel gelijkmatiger, en ben je niet zo aan het afzien.

Heb je de wind vol tegen? Dan geldt eigenlijk precies hetzelfde principe. Wil je energie besparen, dan heeft het geen enkele zin om met je tong op het stuur dezelfde snelheid te willen blijven fietsen.

Kies de juiste versnelling

De juiste versnelling kiezen is altijd van groot belang natuurlijk. Of je nu zuinig wilt fietsen of niet. Niet alleen is dat een stuk efficiënter, het is ook heel wat beter voor je knieën. 

Fietsen in een te zware versnelling kan er bovendien voor zorgen dat je automatisch harder gaat fietsen. Omdat je die versnelling dan gemakkelijker rond krijgt.

Een duurrit kun je daarentegen het beste rijden op souplesse. Zo’n 90 tot 100 omwentelingen per minuut is daarbij een goed uitgangspunt. Wil je weten hoeveel omwentelingen je maakt, dan is een cadansmeter erg handig. Heb je die niet? Ga kun je zelf gaan tellen, maar je kunt ook op je gevoel afgaan. 

Wanneer je de neiging hebt om te gaan stuiteren op je zadel, dan rij je in een te lichte versnelling. En moet je meer je best doen om een verzet rond te krijgen, dan is dat uiteraard een teken om terug te schakelen.

Trek minder hard op

Fiets alsof je een diesel bent, en je zult een hoop energie besparen. Dat betekent dus dat je die sprintjes na ieder stoplicht voor een andere keer bewaart, en niet pijlsnel uit iedere bocht schiet. 

In plaats daarvan trek je telkens rustig op, terwijl je in principe in het zadel blijft zitten. Dat kan wat saai aanvoelen in het begin, maar dat is vooral een kwestie van gewenning. 

Het betekent niet per se dat je langzamer hoeft te fietsen, maar je haalt de scherpe kantjes er wel af.

Kies een constant tempo

Over diesel gesproken… Fietsen alsof je de cruise control aan hebt staan helpt ook enorm, om geen energie te verkwisten. Hanteer de hele rit zoveel mogelijk één tempo, waarbij je goed in de gaten houdt dat je gaandeweg niet onbewust wat versnelt. 

Doe je een rustige duurrit, dan hou je het liefst een snelheid aan waarbij je nog goed een gesprek kunt voeren. Dat is op ongeveer zo’n tachtig procent van je maximale vermogen.

Natuurlijk werken bovenstaande tips vooral goed als je alleen fietst. Wanneer dat niet het geval is, dan is het uiteraard verstandig om van te voren je intenties duidelijk te maken. Wie weet inspireer je ook nog anderen om eens wat slimmer gas terug te nemen!

Foto: Chris Kendall