Het nieuwe wielerseizoen is begonnen. We kunnen weer uitkijken dus naar prachtige wedstrijden, waaronder de nodige monumenten, klassiekers en semi-klassiekers. Maar waarin verschillen die wedstrijden eigenlijk?
Monumenten, klassiekers en semi-klassiekers; het zijn termen die je in het wielrennen vaak voorbij hoort komen. Terecht, want het zijn vaak de mooiste wedstrijden op de kalender. Maar hoe weet je met wat voor wedstrijd je te maken hebt?
Geen officiële termen
Ten eerste is het goed om te weten dat klassiekers en semi-klassiekers officieuze benamingen zijn voor wedstrijden. De UCI, de Internationale Wielerunie, maakt die verdeling niet. De media, renners en fans geven wedstrijden die titel, en dat gaat vaak op gevoel.
Het grote verschil tussen klassiekers en semi-klassiekers, is dat klassiekers meer prestige hebben dan semi-klassiekers, en meestal een sterker deelnemersveld. Klassiekers zijn daarnaast vaak langer qua afstand.
Regelmatig worden semi-klassiekers daarom ook verreden als voorbereiding op de belangrijke klassiekers.
Vaak hebben klassiekers ook een langere historie, maar dat hoeft niet per se. Zo is de wedstrijd Strade Bianche – die voor het eerst in 2007 verreden werd – in de ogen van velen een moderne klassieker.
Andere voorbeelden van klassiekers in het wielrennen zijn de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix, de Amstel Gold Race en de Ronde van Lombardije. Typische semi-klassiekers op de kalender zijn Dwars door Vlaanderen, Kuurne-Brussel-Kuurne en de E3 Saxo Classic.
De vijf monumenten
Naast klassiekers en semi-klassiekers zijn er ook nog monumenten in het wielrennen. Het gaat hier om vijf klassiekers met een speciale status. Het zijn de vijf oudste en meest prestigieuze wedstrijden op de kalender. Vier in het voorjaar: Milaan-San Remo, de Ronde van Vlaanderen, Parijs-Roubaix en Luik-Bastenaken-Luik. En als laatste de Ronde van Lombardije in het najaar.
Stuk voor stuk worden deze wedstrijden al meer dan honderd jaar gehouden. De jongste, de Ronde van Vlaanderen, sinds 1913. En de oudste, Milaan-San Remo, al sinds 1892. Je kan dus met recht spreken van monumenten.
Zelf een klassieker rijden
Misschien wist je het nog niet, maar van veel klassiekers is ook een versie voor wielertoeristen. Jij kunt dus ook zelf een van de monumenten fietsen, of een andere klassieker. De Amstel Gold Race in eigen land is daar een bekend voorbeeld van.
Vaak fiets je tijdens zo’n toertocht grotendeels de route die de profs ook rijden. Een bijzondere ervaring als je fan bent van wielrennen en de koers vaak volgt.
Foto: Unsplash







